eenentwintig

 

 

wisseling

steeds keert de lichtval
in de blinde
voor de ziende
valt steeds het licht verkeerd

verwaast de nagalm
van de steen die terloops geurt
naar de rozen die hem schuren
en onder een spiegel sneeuw
een rivier bewaart

dan waagt de ziende
dan wacht de blinde