Waarde Vincent

Deze brief was onderdeel van de tentoonstelling ‘in de ontreddering de kalmte bewaren’ in projectruimte circa dit… te Arnhem, juni 2015. Kunstenaars werd gevraagd te reageren op de laatste onvoltooide brief van Vincent van Gogh die hij aan zijn broer Theo schreef op 23 juli 1890.

gogh__theo_33_jaar

Parijs,
28 juli 1890

Waarde broer,

ik weet niet goed wat te antwoorden op je laatste woorden. Wanneer is het genoeg? Ik heb de heren B en V mijn ontslag aangeboden en hen van mijn besluit op de hoogte gesteld alleen en op mijn manier verder te willen gaan. Ik geloof niet dat je moet leven van de kunst. Misschien wel omwille, maar inmiddels, ofschoon ik altijd heb getracht je te overtuigen van de noodzaak jouw werk verder te ontwikkelen, zet ik ook daar de nodige vraagtekens bij. Iedere handeling uitgevoerd met het doel haar resultaat of effect te gelde te maken, is in wezen onzuiver en ontrouw aan datgene wat haar in eerste instantie ingaf: hartstocht, wil, drang tot experiment, of louter idee. Ik geloof dat dit ook opgaat voor het maken van kunst.
regelwitIk heb het Jo nog niet verteld, zij is op dit moment nog in Amsterdam met Vincent Willem. Misschien dat we tijdelijk naar Leiden zullen gaan, ik weet het nog niet.
regelwitJouw werk is altijd mijn zaken geweest, al vanaf het begin. Maar dit stopt nu – direct. Dat wil zeggen: ik laat ze zien, je schilderijen, je tekeningen, voor wie wil, en ik doe mijn uiterste best zoveel mensen als mogelijk er mee in aanraking te laten komen en ervoor te winnen, want dat, twijfel daar niet aan, zijn ze mij meer dan waard. Maar ik weiger – en nu ik je dit zo uitgesproken schrijf, voel ik jouw onvermijdelijke teleurstelling die mijn besluit tot gevolg zal hebben door me heen snijden – ik weiger ze nog langer onderdeel te maken van een zakelijke transactie van welke aard ook. Ik zie geen andere mogelijkheid de “crisis” waarvan jij spreekt en die ik zelf als geen ander iedere keer wanneer ik in aanraking kom met de heren B en V en hun gelijken nadrukkelijk ondervind, op deze rigoureuze wijze op te lossen.

Het spijt me, maar wat wil je…

Deze brief werd kort na de dood van Theo van Gogh gevonden, niet ondertekend, gedateerd 28 juli 1890, de dag dat hem het bericht van dokter Gachet over Vincents deplorabele toestand bereikte en hij naar Auvers-sur-Oise afreisde